Landmakers: Gebiedscoöperatie O-Gen

Interview: Co-creatie op gebiedsniveau

“Met een coöperatieve aanpak verbindt je je weer met de inwoners van een gebied en met hun eigenaarschap en verantwoordelijkheid”, zegt Gerard van Santen, directeur van Gebiedscoöperatie O-gen. Zijn organisatie is actief in de Gelderse Vallei, Kromme Rijnstreek, Heuvelrug en Eemland en telt zo’n 275 leden, waarvan het merendeel inwoner en ondernemer is. In dit gebied wordt op innovatieve wijze de uitvoeringskracht voor plattelandsontwikkeling georganiseerd. 

Organiseer uitvoeringskracht

De tijd dat de overheid plannen maakte en daarna draagvlak ging zoeken is hier voorbij. Nu wordt vanuit het gebied de visie en uitvoeringskracht georganiseerd. Een mooi voorbeeld is het project Groene Daken, getrokken door drie enthousiaste ondernemers. Of het project Vallei Boert Bewust. Dat gaat over bedrijfscertificering als hulpmiddel voor ondernemers om aan burgers te vertellen hoe zij op hun bedrijf werken aan duurzaamheid en maatschappelijk verantwoord ondernemen. O-gen is voor initiatiefnemers de intermediair die publiek en privaat verbindt. “Dan combineer ik de ontwikkelkracht van bewoners en ondernemers met de wijsheid van bijvoorbeeld waterschappen en maatschappelijke organisaties”, zegt Gerard. En hij combineert individuele initiatieven met het volume van de grotere schaal van het gebied. “Want te kleine business cases werken niet, dan heeft het gebied er meestal geen baat bij.”

Beschouw publieke en private partijen als gelijkwaardig

De uitdaging aan publieke partijen is om mee te doen vanuit de dialoog en niet vanuit hun machtspositie. O-gen voert projecten uit, dekt risico’s af en ontwikkelt gebiedsvisies die de gemeentes of provincies zelf niet meer kunnen waarmaken. Steeds vaker zijn dat grensoverschrijdende vraagstukken. Gerard merkt dat sommige publieke partijen maar moeilijk zaken kunnen loslaten. “De huidige samenleving wil een overheid die als één van de partijen actief deelneemt aan het proces en ook het eigen belang laat meewegen in het totaal in plaats van hun machtspositie te koesteren”, is zijn overtuiging. “Niet inwoners en ondernemers vertellen wat goed voor hen is, maar samen kijken naar een stip op de horizon.”

Stap voor stap naar de toekomst

“Landmaken”, zegt Gerard, “is beleid maken dat aansluit op de volgende stap die mensen kunnen maken. Dat is een organische werkwijze, stap voor stap”. Beleidskennis kan daarbij helpen. “De mensen hier in het gebied denken ook heus wel verder dan hun neus lang is”, zegt Gerard. “Ze denken zelf ook echt wel na over de toekomst en over het regionale belang”. Als voorbeeld noemt hij een actie rond breedbandinternet in de regio. Enkele bevlogen ondernemers rollen dat zelf uit. Zo’n actie vindt hij prachtig. Dat is de kracht van ondernemers die de wereld beter willen maken en tegelijkertijd snappen dat wat ze willen ook een haalbare business case moet zijn.

Steuntje in de rug voor effectief innoveren

Persoonlijk staat voor Gerard het dienend leiderschap centraal. Luisteren, verbinden en respectvol het gesprek aangaan. De komende periode wil hij graag in zijn regio de transitie in de voedselketen bevorderen door landbouw en voeding meer in te kleuren als kennis- en dienstverleningsconcept. De regio als toonzaal voor de wereld. Om dat te realiseren zoekt hij steun, met name in de kenniswereld (o.a. Wageningen University & Research) en bij de rijksoverheid, voor erkenning van zijn zoektocht en het unieke karakter van O-gen.

Tekst: Peter Heerema

'Gebiedscoöperatie O-Gen' volledig interview (PDF)

website Gebiedscoöperatie O-gen